EMY

by Didier Becu

Een maandagmorgen in de Vooruit. We schudden de hand met Brian Bogaert, Louis Vandommele, Sander Huys, Toon Victoor en Emy Kabore. Samen vormen ze de band EMY. Vijf jonge muzikanten die op dezelfde muzikale golflengte zitten, en enorm veel goesting hebben. Als één van de jongste Mayway Records-telgen staan ze uiteraard op het Gentse showcasefestival Waterfront. Een gesprek met de vijf enthousiastelingen…

Eerst was er EMY de solo-artieste, nu is er EMY de band…
Emy : Voor de Rock Rally maakte ik eigenlijk muziek voor mezelf. Het was een uitlaatklep. Tot mijn grote verbazing eindigde ik als derde. Dat gaf me een boost omdat ik plots de bevestiging kreeg dat er potentieel in me zat en dat ik iets in de muziek kon doen. Ik wist toen in feite al dat ik geen singer-songwriter wilde zijn en dat ik op zoek wilde gaan naar een band. Het gebeurde soms op een vreemde manier. Sander Louis (drummer) was bijv. een recensent voor de Gentse studentenradio Tumult FM en nadat hij ons mij zag optreden op de halve finale van de Humo’s Rock Rally en via via hoorde dat ik nog een drummer zocht, wilde hij zijn kans wagen. Louis speelde op dat moment met de andere drie al een jaar samen. Het is toe dat ik ze op een jam aan het werk zag samen dat ik wist dat ik met hen wou aan de slag gaan. Door wat te jammen leerden we elkaar beter kennen, en beseften dat we naast een leuke bende ook muzikaal perfect matchten met elkaar.

Toen je solo speelde was je sound eerder die van de duistere singer-songwriter, maar als band is het meer een funky feelgoodgevoel geworden, niet? Denk je niet dat dat er fans zullen teleurgesteld zijn?
Na de Rock Rally omringden diverse mensen mij. De ene zei dat ik solo moest, de andere vond dat het een band moest zijn. Als gezegd wist ik op voorhand dat singer-songwriter niet mijn stijl zou worden. Eens ik deze vier mensen gevonden had, wist ik dat dit de weg zou worden die ik wilde inslaan. Trouwens, er zullen nu ook weer niet zo veel mensen zijn die een traantje zullen wegpinken wegens mijn beslissing, hee. Ik vind het veel cooler zo.

Hoe ervaar jij die Rock Rally, als een druk? Ik heb altijd de indruk gehad dat jij daar eerder lichtjes mee omsprong en het niet meer als een bonus zag.
Eerder een druk die aangaf van “nu moet ik het doen, ik sta nu in de spotlight”. Maar algemeen beschouwd zie ik het meer als een startpunt van mijn muzikale carrière waarmee beslist werd dat ik iets wilde doen in de muziek. We zijn daar uiteraard zeer tevreden mee dat dit op onze palmares staat, maar de Humo’s Rock Rally heeft sowieso veel van zijn status verloren. Nu spreekt niemand nog over deze overwinning.

We zitten nu met Sound Track volop in de wedstrijdsfeer, maar jullie doen daar niet aan mee, zo lijkt…
Neen, we willen op een organische manier groeien en niet voorgedragen worden via een wedstrijd. Het idee an sich dat bands het tegen elkaar moeten afleggen spreekt ons helemaal niet aan. Iedereen weet ook hoe die wedstrijden tot stand komen. Het is eigenlijk een beetje een kwestie van stemmen ronselen en we hebben daar geen zin meer in. Hier zijn we, en je kan ons nemen of laten. We vinden het veel belangrijker dat we een promotor achter ons hebben die in ons gelooft.

EMY is nu met vijf, maar de naam is wel behouden, blijft Emy de leading lady?
We zijn eerst en vooral een jamband. Emy bepaalt via haar gitaar de basis en daar werken we dan met zijn allen aan verder. Ieder van ons is er bij betrokken, EMY is een groep. We hebben geprobeerd om de eerste nummers die Emy als singersongwriter bracht in een groepsgeluid om te bouwen, maar dat bleek niet altijd zo evident te zijn. Logisch ook, want dat waren in de eerste plaats songs die geschreven zijn vanuit een singersong-writerhoek. Als Emy een nummer schrijft dan heeft ze steeds in haar achterhoofd dat het een song van een band is. Het voornaamste is dat we met zijn allen enorm gemotiveerd zijn!

Ik hoor hier steeds maar de term jamband, vreemd genoeg denk ik aan goed ingestudeerde improvisatie toen ik jullie live zag…
Klopt wel ergens dat idee, maar dat heeft ook te maken met het feit dat we nog steeds op zoek zijn naar ons geluid. Door te spelen, experimenteren we. Op Boomtown voegden we er bijv. de backing vocals aan toe en bij het concert van Common gaan we er synths bijvoegen. Het verhaal van EMY is zeker nog niet af, we zijn nog steeds aan het groeien.

EMY solo was vrij donker, als band iets minder en toch hoor ik in de bindteksten wel weer dat duistere kantje.
Iedereen heeft iets donkers in zich. Bij EMY gaan we op zoek naar de gelaagdheid. Het contrast tussen het donkere en de happy funk. Dat is ook de momentopname van hoe we ons nu voelen, we hebben echt geen enkel idee hoe de songs in de toekomst zullen klinken. Er is zeker een dualiteit aanwezig. EMY is dansen en niet dansen. We balanceren tussen het duistere en de happy vibe. De teksten zijn soms donker, maar qua geluid is het eerder opgewekt en dat komt hoofdzakelijk door de happy vibe die we met zijn vijfen voelen.

EMY klinkt ook wel uniek in België.
Er zijn inderdaad maar weinig bands buiten het commerciële circuit zoals Selah Sue of Delv!s in ons land die soulvibes hebben en dat geeft absoluut een meerwaarde, vinden we. We luisteren naar vele dingen, en we zijn fan van heel wat geluiden en we proberen dat dan ook in onze muziek te steken. In België heb je wel een steengoede rock- en hiphopscene, maar daartussen is het heel wat minder. Wij proberen via afro-ritmes, soul, hip hop of Latijns-Amerikaanse invloeden anders te klinken dan de rest. Ten minste dat is het plan toch!

Jullie zitten nu op Mayway Records, wat mogen we verwachten?
Er komt muziek! (de band schiet in de lach). We zijn steeds op snelheid gepakt geweest. Zo waren we echt overdonderd om op Boomtown plots op het podium te mogen staan met Charlotte Adigéry, en nu is er Common. Het moet vlug gaan, maar ook niet te vlug. Als mensen nu via Spotify op zoek gaan naar EMY dan komen ze uit op de singersong-writerperiode en dat is natuurlijk niet representatief. We snappen dat we dit zo snel mogelijk moeten doen veranderen, maar we werken eraan. We zien elkaar bijna alle dagen en het klikt nog steeds, dus! De persoon van Tony van Mayway is ook wel heel belangrijk voor ons. Hij pusht ons niet, maar geeft een blindelings vertrouwen in wat we doen en dat voelt zeer goed aan. Ook voor hem is het ook koffiedik kijken want we nu precies muzikaal gaan doen, en we weten dat dit niet op een major zou kunnen. Iemand hebben die in je gelooft is enorm belangrijk, kijk wat hij op korte tijd met Mooneye bereikt heeft. Die snelheid waarmee alles gaat ervaren we tegelijkertijd als een voordeel. Maar toch, springt Tony daar heel handig mee om. Er wordt meegepakt wat mee te pakken valt en we worden niet gepusht waardoor we echt wel ons eigen ding kunnen doen.

Wanneer ontdekte je dat muziek je passie is?
Louis: Ik ben al meer dan 12 jaar met muziek bezig. Mijn vader is ook muzikant, dus dat zit er echt wel in. Ik heb mijn ervaring met de nodige bandjes en iedere keer als het spaak loopt is het wel minder leuk, maar toch als je dan de kans krijgt om in een band als deze mee te stappen als dit, dan doe je dat. De energie die je krijgt als je van het podium stapt is niet te beschrijven. Beter dat dan met een master zitten waar je niets mee aanvangt (lacht).
Emy: Ik heb er eigenlijk nog nooit stil bij gestaan dat muziek mijn passie is. Ik heb eerder het gevoel dat de muziek naar mij is toegekomen en dat ik dat wel leuk vind. Nu ja, ik zeg geen passie, maar ik ben er wel alle dagen mee bezig (lacht). Muziek is een soort van therapie voor mezelf en gewoon een deel van mijn passie. Een manier om mezelf uit te drukken, maar ik doe dat bijv. ook in beeldende vormgeving.
Toon: Bij mij begon het toen ik Mirko Banovic van Arno en Arsenal met Dominique Vantomme op De Avonden aan het werk zag. Dat was toen ik 15 was. Ik was zo overweldigd door zijn gitaarspel dat ik naar hem toestapte en hem vroeg of hij mij de bas kon leren. Sindsdien is het mijn passie geworden!
Brian: Bij mij was dat toen ik 13 was. Ik raakte betrokken bij allerlei bandjes en het had voorrang op mijn schoolactiviteiten (lacht). Op mijn zeventiende was er een dipje toen die bands uit elkaar gingen, maar toen ik afstudeerde als verpleegkundige had ik meteen door dat ik muziekproductie wilde studeren!
Sander: Bij mij zat dat in het gezin. Mijn vader was blues- en jazzmuzikant, we luisterden bijv. samen naar Thelonius Monk en toen wist ik echt dat ik dit wilde. Ik studeerde wel wijsbegeerte, maar toen mijn vader twee jaar geleden stierf, ging dat niet meer en was muziek het enige wat telde.

EMY heeft zeker geen Belgische sound, zitten jullie met het buitenland in jullie achterhoofd?
Er bestaat geen plan, maar uiteraard denken we daaraan omdat er op authenticiteit sowieso geen landsgrenzen staan. Emy heeft haar roots in Parijs, dus Frankrijk moeten we zeker veroveren (lacht). Neen, we zijn niet verwaand of zo. We nemen de dingen zoals ze zijn, maar we beseffen wel dat België een kleine visput is. Zelfs het land is opgedeeld door twee landsgrenzen waardoor bijv. Coleur Café of Dour voor ons al iets moeilijker wordt. En onze invloeden komen ook van bands die hier weinig of geen speelkansen krijgen, dus…

Wat inspireert jullie?
Louis: Beroepsmatig zie ik de dingen groots. Ik werk in het Sportpaleis en de Lotto Arena en dus zie ik al die grootse shows en het is ontzettend fijn om te zien dat er mensen zijn die de hele week uitkijken naar zo’n evenementen. Of mijn moeder bijvoorbeeld. Die schrijft boeken en die krijgt dan allerlei brieven van mensen die moed vinden in haar werken. Dat zijn echt mooie dingen. Het moment dat je uit je slaapkamer treedt, doe je het ook niet meer voor jezelf.
Emy: Dat kan van alles zijn. Muziek brengt alles samen. Een film, een boek, een gebeurtenis of een relatie. Ik zou zeker niet zeggen “dat is mijn inspiratiebron”, want dat kan elk moment veranderen. Maar op korte tijd ben ik bijv. superfan geworden van Shht omdat die verder gaan dan muziek.
Toon : Dat kan van alles zijn. Een wandeling of een gesprek, maar zoals Louis zegt van het moment dat je naar buiten treedt dan doe je het voor anderen. Die lach en die traan. Onderschat ook niet de politieke kracht van muziek. Je hebt rijen met verschillende achtergronden en dito stijlen, maar door de muziek breng je ze samen.
Brian: Ik sluit me bij al het vorige aan (lacht). Maar het is vooral die mogelijkheid om mensen te kunnen binden, maar ook dat je mensen tot eigen inzichten kan doen brengen.
Sander: Dat geldt ook voor mij. Ook dat muzikanten alles in het leven kunnen analyseren en voor een lichtpuntje kunnen zorgen, ook al is dat maar voor tien seconden. Mensen uit hun dagelijkse sleur trekken.

Welk album kun je on repeat blijven beluisteren?
Louis : To Pimp A Butterfly van Kendrick Lamar is sowieso het beste album ooit gemaakt. Ik heb nu een podcast ontdekt die alles in diepte analyseert en het is belachelijk hoe goed dat wel is, en dan nog eens een genre waar ik zot van ben.
Emy: Oh neen, wat een vraag! Ik heb nog nooit zo’n album gehad…doe maar eerst de rest!
Toon: You Must Believe In Spring van Bill Evans.
Brian: Ook Kendrick Lamar toch, ofwel Dark Side Of The Moon van Pink Floyd.
Sander: Het zijn er wel een paar, maar neem Bitches Brew of A Kind Of Blue van Miles Davis.
Emy: Toevallig heb ik via Spotify Joomanji ontdekt. De nummers op hun enige album, Manj, is stuk voor stuk zó goed. Iedere keer met een andere zang en zo veel invloeden.

Cool! Succes en tot op Waterfront!

You may also like