Home Interview KLOOT PER W

KLOOT PER W

by Didier Becu

Claude Perwez, beter bekend als Kloot Per W staat in de Belgische popgeschiedenis bekend als pionier, iemand die er wel overal bij was, een trendsetter zonder dat iemand het door had dat het een trend ging worden, een “goestingdoener” zoals men zegt. En zo kunnen we nog heel wat van dat moois verzinnen. Onlangs bracht hij samen met Mauro Pawlowski (nog zo’n goestingdoener) de plaat Outsider/Insider uit. We vroegen Kloot het hemd van zijn lijf…

(c) : Claude Perwez

Om maar meteen de vraag te stellen, hoe kwam de samenwerking tussen jou en Mauro tot stand?
Ik speelde bij De Lama’s en wij kwamen de Evil Superstars soms tegen op dezelfde festivals.
De groepsnaam alleen al trok me aan. Zij werden enorm gesteund door de Humo die niks van onze zogenaamde ‘onderbroekenhumor’ moest weten en ons toch een beetje negeerden. Toen had dat weekblad echt nog heel veel invloed op de rockscene. Er was gewoon ook niks anders. Van internet was geen sprake. Ik werkte in die tijd bij Studio Brussel en die steunden ons wel voor de volle 100%. Ik begreep nooit waarom de Humo ons links liet liggen.
Nu goed, ik kocht de platen van Evil Superstars en ik vond die zeer gevat,slim en muzikaal zeer sterk. Voor de persoon van Mauro Pawlowski had ik in mijn brein ergens een klein kamertje open staan, het was iemand om in het oog te houden. Ondanks het feit dat de Humo ons negeerde, waren wij toch een grote publieksfavoriet en onze singles en cd’s schoven redelijk over de toonbanken. Een paar jaar later toen ik verslaggeving moest doen op Pukkelpop, was ik uitgegroeid tot de leider van wat men noemt de radiovriendelijke metalsectie via Metalopolis. Ik zag Mauro solo het festival openen, en voor zeer weinig volk. We hadden tot dan toe nog nooit met elkaar gepraat, je kent dat wel “knikken en een handje geven”, maar meer dan dat was er niet.
Dat contact kwam wellicht omdat ik een Belpopveteraan ben. Ik had bij The Misters gespeeld. Ook zo’n band die de Humo links liet liggen. Mijn solowerk daarentegen vonden ze wel wat, en Marc Didden zag mij graag. Denk ik toch. Ik werd ook door Oor opgemerkt en ik stond als één van de weinige Belgen in hun eerste Popencyclopedie.
The Employees die een andere behandeling kregen, lagen veel hoger in ieders schuifje en dat vertaalde zich in verschrikkelijk veel kleine optredens. Een groot verschil met nu. Bazart kan nu meer dan een jaar verdwijnen zonder daar last van te ondervinden.
Al moet ik hier e