Ook Dour 2026 werd bedolven onder een loden hittegolven zon die tijdens het slotweekend plaatsmaakte voor verkoelende windvlaagjes en op de slotdag zelf werden daar nog de wildste gitaren voor bovengehaald. We vroegen ons bij het inchecken ook af of de WK-finale op groot scherm te zien zou zijn. Dat zou dan samenvallen met het optreden van Sean Paul. Niet dat deze headliner op ons persoonlijke schema voorkwam, maar het is best een voetnoot waard. Waarmee we wel graag de slotdag wilden aanvangen? Wel, we braken meteen een lans voor een behoorlijk Gents offensief op het hoofdpodium, nog steeds The Last Arena. Maar viel dat even tegen zeg.

Eosine omarmen we anno 2026 graag als volbloed Gents ondanks de Luikse tongval van roergangster en “la mégère” Elena Lacroix. Elena heeft haar band de voorbije jaren grondig als een kaartenhuisje dooreengeschud maar heeft nu toch al een hele poos een stevig trio rond haar verzameld. “Cent pourcent Gantois quand-même” want Lander Lampaert (gitaar en tweede stem), Stanny Rijckaert (drums) en metalboy Wouter Dijkstra (bas) kunnen we allen het verwijt sturen “waar waren jullie op dag 3 van de Gentse Fieste?” Ze waren om 16u15 ook niet op het hoofdpodium te spotten en daarvoor moeten we de annulerende Quavo de rekening presenteren. Zijn Main Stage plekje iets later op de vooravond viel weg en Eosine mocht dus een kleine twee uur later spelen. Ons programma liet dit soort last minute transacties helaas niet toe. Er waren nog Belgen sire!

Kaat Van Stralen hoeven we niet meer voor te stellen maar toch wilden we deze Vieze Vlinder na haar passage op de Main Stage van Rock Werchter haar vleugels ook zien openslaan op het podium van de gloednieuw rocktempel L’Atelier. Hiervoor kon ze uiteraard beroep doen op haar strakke band, gevormd door Melvin Slabbinck (drums), Faust De Vogelaere (bas) en Anton Robberechts (gitaar).

Kaat speelde vooral nieuw materiaal dat een soort eigenzinnige postpunkkoers leek te varen. Taal Is God was hierdoor een intrigerende doch minder hapklare brok. Live evolueert een ‘KVS’-nummer vaak tot een ziedend slot. Het was in L’Atelier niet anders. “Als je luistert naar je armen en je benen kom je natuurlijk ergens anders uit”. Dan spreek je de taal van het duister. Kaat zit nooit om een paar dubbele bodems verlegen in haar teksten. Projectje is een felle live rocker en niet iedereen voelt de indringende – beslis zelf in hoeveel betekenissen – boodschap maar wij zijn grote fan van deze versie.

Faust heeft genachtbraakt op de Gentse Feesten en sliep maar 2 schamele uurtjes. Speciaal voor hem haalde Noodlot de setlist. Tekens Van Leven waren er gelukkig voldoende. En met ADHD werd de punkkraan onder grote stroom gezet. De Vieze Vlinder verkocht de politici een mot want Ik Weet Hoe Het Werkt werd in een sloophamerpunkversie door het Atelier geramd. ‘Straffa toebakka’. Merol coveren als een punkrockende feeks. Check! Stop Met Wenen was het doldwaze orgelpunt van een alweer bijzonder overtuigende Kaat Van Stralen. Alsof haar tranen de onze niet zijn! “Let’s burn the tent down!” schreef ze het volk toe.

La Petite Maison Dans La Prairie wordt als tweede grootste podium elk jaar belangrijker. High Vis uit Londen bijvoorbeeld gaan al 10 jaar mee en brengen een aanstekelijke blend van baggy postpunk met indie-invloeden. Vandaag is het een vijftal rond zanger en boegbeeld Graham Sayle die niet te koop is en de vis op het droge hijst met Rob Hammeren, Edward Harper, Martin MacNamara en Jack Muncaster. Op Dour organiseerden ze een Guided Tour doorheen hun oeuvre dat naast 5 ep’s ook 3 albums omvat waarvan Guided Tour in 2024 hun vooralsnog laatste exploot vormde.

Er werd wat af ge”fok”t in de ‘do or die’ bindteksten. Het kwam er vooral op neer dat ons land snapt wat punk is en we het hier vatten wat ze bedoelen. Fokking hell! En was die zanger niet Ewan McGregor uit Trainspotting? Ze klonken vooral als early 2000 noiserockers en deden dat met de nodige bravoure en stemvastheid. Denk maar aan At The Drive-In en The Spirit That Guides Us. We hesen deze High Vis met graagte op het droge, knuffelden hem en wierpen hem terug de Noordzee in. Het was wel even rijden vanuit Dour. Er zijn gelukkig nog zekerheden in dit leven. La Sécurité bijvoorbeeld…

We baanden ons opnieuw een weg naar L’Atelier voor het bijzonder opwindende La Sécurité. De Montréalezen uit het verre Canada kennen we ondertussen beter dan onze broekzak. We zagen hen het voorbije half jaar in de Botanique, de Beursschouwburg en in Frankrijk midden mei, zowat een maand vóór de release van hun nieuw album Bingo. We zijn dus onverdroten fan van hun artpunk en van wat ze op een podium in elkaar boksen. Wees maar zeker dat ze de albumnaam alle eer aandeden. Zangeres en toetseniste Éliane Viens-Synnott was weer een erg beweeglijke gangmaker. Laurence-Anne Charest-Gagné en Melissa Di Menna maakten heerlijk heupwiegend indruk op gitaar en gebeurlijke toetsen met hoge new wave inslag.

Félix Bélisle stond op bas dicht bij zijn drummer Kenny Smith. Het viel opnieuw op dat de baslijnen een grotere impact op de nieuwe nummers hebben dan wat voordien het geval was. Spelen in het voorprogramma van The Rapture bracht de band duidelijk een flinke scheut live-inspiratie bij. Éliane veinsde geen seconde haar geestdrift en bewoog zich als de krolste der huppelkatten over het podium met een indrukwekkende ritmesectie rond zich. Melissa en Laurence-Anne lieten zich niet onbetuigd met hippe zonnebrillen en cimbalen als accessoires. Éliane is een sublieme zangeres en we kwamen qua vibe weer dichtbij de B52’s van pakweg 45 jaar geleden.

Met Dis-Moi werd traditioneel in het slot naar ouder zinderende punk-anthems teruggegrepen. Feit is dat het publiek erg enthousiast bleef meeveren op de onweerstaanbare grooves van de Canadezen. De nieuwe plaat is één granieten blok onverzettelijke artpunk-genialiteit en live wordt dit nog strakker en wulpser onderstreept. De Ketchup-fles werd vakkundig en vurig leeg geknepen na een razendsnel slot. De rollende bassen en de new wave samenzang maken van dit nummer een zotte doos waarin La Sécurité zich graag warm nestelt. Ca va et toi? “La sécurité avant tout”. Onthoud dat maar.

We vermoedden op voorhand dat La Petite Maison als huisje veel te klein zou blijken voor wat zich hierna afspeelde. We vatten daar post voor het laatste luik van The Demise Of Planet X, zoals we het optreden van Sleaford Mods met een knipoog omschrijven. Het is hun dit jaar verschenen 13de plaat waarop ze onder meer ondersteuning kregen van Aldous Harding en Big Special. Op Dour brachten rapper Jason Williamson en dansende knopjesduwer Andrew Fearn uit Nottingham hun electro postpunk als vanouds in duo-vorm aan de man.

De Pet Shop Boys cover van West End Girls halverwege de set miste elke bedoeling en zeker de urgentie van het origineel. Het eigen werk dat meteen volgde, had weer de vereiste snedigheid en onstuitbare hop met die beentjes formule uitgetikt. Zijn broekriem zit na al die jaren nog steeds niet gemakkelijk en zijn bewegingen blijven te spastisch om een uur naar te kijken. Toch werden we ook deze keer weer meegezogen in dit bizarre universum. Het dansen blijft een hilarisch instrument op zich. Nee Sleaford Mods zullen nooit vervelen, ook nooit meer verrassen maar het was weer een geweldige ‘Sunday workout’. De argeloze scheet in de backing track en bijpassende bilbuiging horen er toch gewoon bij.

Op zondag gaan recensenten naar de eucharistieviering. Op Dour werd die voorgedragen door Colin H. Van Eeckhout en zijn imposant Amenra. De koningen van de bindteksten en vrolijke deuntjes waren dus aan zet. De vier bandleden rond opperpriester CHVE stonden al minutenlang in het schemerdonker een rol als kerkhofbewaarder te vervullen terwijl de intromuziek zacht en akelig aanzwol. De energie-ontwikkeling die vrijkwam als Colin ten tonele verscheen had de oerkracht van een orkaan. Gitaristen Mathieu Vandekerckhove en Lennart Bossu orkestreerden stoïcijns maar met akelige precisie de nummers naar troosteloze dieptes.

Met huiveringwekkende drumprecisie spijkerde Bjorn Lebon – geen broer van – de staalharde doommetal op het volgepakte La Petite Maison vast. Amy Tung Barrysmith is sinds vorig jaar nieuw op bas. Amenra live – op plaat eigenlijk ook – was eerder een kwestie van opstaan om nog harder terug te slaan. Met voltreffers als het door merg en been snijdende Am Kreuz en afsluiter Diaken werd de ceremonie tot het uiterste gedreven. Ook De Evenmens werd in een bevlogen jasje gedrenkt, dat kon want Colin had het net uitgetrokken.

Amenra blijft een magisch kwintet dat op meesterlijke en zelfs onnavolgbare wijze onverstaanbaarheid, bruut metalen geweld en ontroering weet te versmelten tot een massaal exorcisme in een festivaltent ergens op een prairie. Het blijft ook voor kippenvel zorgen hoe de fans in groep zonder voorbereiding een vertraagde “headbang-Marie-Louise” op gang trokken.

Het werd zo stilaan tijd voor de WK-finale die niet werd uitgezonden op het festival, dus we gaan het gewoon verder over muziek hebben. Korte passages bij Young Miko op het Boombox-podium en The Experimental Tropic Blues Band voor nagenoeg lege tenten leerden ons dat Sean Paul alle andere podia naar zich toe trok. De rockliefhebbers verzamelden echter in La Petite Maison waar we een erg sterk Ghinzu aan het korte werk zagen. We richtten ons steven echter naar de alternatieve rocktent die als afsluiter een dansfenomeen ontving.

Maïcee uit Montpellier reist tussen Londen en Parijs en wil de wereld doen dansen op een mix van grime, 2-step en elektropop in de stijl van de allergrootsten in het genre waaronder FKA Twigs en Rosalía. Ze mocht haar heerlijk gelaagde dancetracks en dito -moves laten bewonderen in L’Atelier. Rocken doet ze muzikaal niet, maar thematisch en attitude-gewijs rockte ze als de beesten. Haar stem? Puik. Soms engelachtig hoog en vaak snerpend en bijtend. We konden ook nu niet om de autotune heen maar echt storend was dit zelden.

Het moet gezegd, haar blend van Charli XCX en Ashnikko is erg overtuigend en haar performance is op een dik half jaar mooi geëvolueerd. Het duurde even voor de Dourgangers snapten waar de dwingende elektropop van Maïcee vandaan kwam. Tijdens de derde song liep de tent toch al halfvol. Ze startte nochtans met een door het zenit knallend energiepeil. I’ll Set You Free deed The Prodigy verbleken. De set opende een pak harder en intenser dan in de AB in november. Met het zwoele Hugs And Kisses ging de storm even liggen.

Ook ballades in sfeervol licht met in de backdrop dansende lichtbronnen gingen haar en haar korrelige stem heel goed af. Het sublieme Twenty Twenty zette het Atelier behoorlijk onder stoom en bij Ugly, Boo stond geen festivalganger nog met beide zolen op de parketvloer. “You’re so Flaky bitch, don’t come near me”. L’Atelier vond ondertussen alles goed.
Na de sterrenhemel in Always zette ze nieuwe single Star in. “Today’s Not My Day, I’m just pissed off.” Maïcee drukte het gaspedaal nog dieper in en zong “Je veux tout tout tout” en de tent volgde in een aanzwellende euforie. I Want It All was behoorlijk onweerstaanbaar en hier laafde ze van de geile Britneybron. We beseffen ook wel dat dit allemaal al ooit vertoond is, maar Maïcee bracht haar danskrakers op redelijk verslavende wijze.

Maïcee “wants sassy everyday” en we gunnen haar alle succes want ze zette een joekel van een concert in. Als Dour bekend staat voor een melange van r&b, rap, trap en punk dan was dit een masterpiece.

Onze afsluiter van Dour 2026 werd International Criminal Police Organisation. Of nee, dat is de naam van de internationale onderzoekspolitiedienst die beter bekend staat als Interpol. Op een festivalpodium zijn dat natuurlijk de New Yorkers met hun postpunkerig oeuvre. De laatste keer dat we hen aan het werk zagen – AB 2022 – vonden we hen nogal routineus klinken. Als headliner op een festival moeten ze natuurlijk hun interpollekes beter wassen. En of ze dat gedaan hebben. Het openingskwartet klonk majestueus met flukse versies van Untitled, No I In Threesome, All The Rage Back Home en Rest My Chemistry.

Het gloednieuwe Wings On Fire klonk verrassend stevig vergeleken met hun bijzonder fletse vorige plaat. Deze nieuwe worp is zelfs een live première van This Mirror Weighs A Ton dat eind augustus verschijnt. En meteen erna was Evil uiteraard een vroege knaller. “Sandy didn’t look the other way”. Terwijl de beats van Alignment in de Boombox tent tussen de nummers weerklonken nam boegbeeld Paul Banks ons mee op een cruiseschip dat aanmeerde aan The New, de nog steeds onsterfelijke parel van debuutplaat Turn On The Bright Lights. Het was dan al tijd voor de grote finale en hier was er geen Ferran Torres, maar wel een heerlijke reeks klassiekers van bijna lang vervlogen tijden.

Met Obstacle 1 en NYC werd terecht geput uit hun debuutalbum. Hier kon gitarist Daniel Kessler het volle pond geven. Banks sprak Dour uit als “dawer”. Met Slow Hands en PDA als magistrale afsluiters op een met jongeren gevulde prairie maakte Interpol een geweldige beurt. Interpol is kennelijk één van die bands die veel jongeren wilden gezien hebben en ze stonden vooral aandachtig te genieten op de eerste rijen. Et voilà Dour, à la prochaine!

Dour Festival – Interpol – Maïcee – Amenra – Sleaford Mods – La Sécurité – High Vis – Kaat Van Stralen




