Home ReviewsAlbum Reviews DORIAN DUMONT – APHEXionS (W.E.R.F. Records)

DORIAN DUMONT – APHEXionS (W.E.R.F. Records)

by Björn Comhaire

De Frans-Belgische jazz pianist Dorian Dumont is een groot fan van Richard David James aka Aphex Twin. Het leek hem een fijn idee om, als een soort van tribute, enkele nummer van James te vertalen naar jazz piano! Goed plan of complete waanzin?

Misschien moeten we Dorian Dumont eerst even situeren. De 33-jarige Fransman werd geboren in Montpellier en woont en werkt al een tijdje in Brussel. Sindsdien speelde hij onder andere in het trio Easy Pieces waarin we ook Hendrik Lasure (schntzl, Ann Pierlé Quartet, Bombataz…) ontwaren, en in de zalige electrojazzband ECHT! die in 2019 hun eerste ep releaseten. Een man die onze trommelvliezen al eens goedkeurend laat knorren dus. Kan hij dat ook met deze onderneming?

Om op die vraag te antwoorden stellen we vast dat je APHEXionS op twee manieren kan beluisteren. De makkelijkste, en volgens ons beste, manier is om er onbevooroordeeld en zonder voorgaande kennis aan te beginnen. Je hoort tien stukken pianojazz vol wulpse spanningsbogen, dynamische en emotionele wendingen en verhalen die je nauwelijks of niet kan linken aan de vreemde titels die ze meekregen. Of wat moet je met MT1 t29r2 of FINGERBIB? Weinig toch?

Een coverplaat maken en dan verwachten dat de luisteraar niet ten rade gaat bij het origineel is natuurlijk een beetje naïef. Soms hoor je een, in eerste instantie, vrijwel letterlijke interpretatie zoals bij Kesson Daslef. Aphex Twin noemde het nummer eerder Kesson Dalek maar durft ook een andere uitspraak hanteren. Eerst loopt de versie van Dumont helemaal gelijk met het origineel dat opgevat is als een klein pianotussendoortje. Na een korte kennismaking met de melodie hoor je echter de kracht van de jazz improvisatie. Dumont brouwt al improviserend een vijf minuten durend verhaal vol uitvergrote dissonanten rond het ogenschijnlijk niemendalletje van James. Dat het daarbij soms wat aan subtiliteit inboet moet je er wel bij nemen.

Nog meer uitvergrote emoties hoor je bijvoorbeeld in Cheeta2 waarin het nogal overdadige gebruik van staccato arpeggio’s en tremolo het gemis aan percussieve instrumenten tracht op te vangen. Meer (vegetarisch) spek naar onze bek is ALBERTO BALSAM (oorspronkelijk Alberto Balsalm) waarin opnieuw Dumonts gebruik van dissonanten en onverwachte modulaties spanning toevoegt en het nummer transformeert van iets wat aanleunt bij spacey ambient naar een gejaagde jazz standard.

Nannou blijft dichter bij de sfeer van het origineel, iets wat vreemd genoeg ook geldt voor de eerste single uit het album: Polynomial-C. Al kan je je bij dat laatste nummer echt wel afvragen of het een goed idee was om het zo goed als perfecte origineel, te herwerken. Dat is waarschijnlijk ook de grote vraag die de gemiddelde Aphex Twin-fan zich zal stellen bij dit album. Net als je twijfels begint te krijgen over de hele APHEXionS onderneming, stuit je dan weer op een nummer als XTAL volume 1. Wat Dumont hier al improviserend neerzet is andere koek.

Kortom, ook geharde Aphex Twin-fans mogen deze plaat zeker niet zomaar afschrijven. De uitgepuurde bewerkingen van Dumont herleiden de muziek van Richard David James tot hun melodieuze essentie. Ze leggen het naakte beendergestel van de nummers bloot dat soms verloren gaat in de elektronische chaos. Op die manier wordt APHEXionS een op zichzelf staand werk waarin jazz en minimalisme hand in hand gaan. Geen dansplaat, dat is duidelijk, maar wel eentje die je leert om het werk van Aphex Twin eens vanuit een ander standpunt te beluisteren.

You may also like