Queen Golem gooit met Apocalypse meteen de deur open alsof ze willen zeggen dat het hen menens is. De West-Vlaamse band, ooit begonnen met muzikale grunge roots, schuift hier nog wat verder richting alternatieve metal. Dit zijn mannen die weten hoe je een nummer laat beuken en tegelijk laat ademen.

Het begint al heerlijk onheilspellend: een donkere, bijna filmische intro met keelzang, het soort geluid waarvan je denkt dat er elk moment een cultleider uit de bosjes kan springen. Maar nee hoor, het is gewoon Queen Golem die opwarmt. Zodra de gitaren invallen, is het gedaan met subtiliteit. Jonas Vandewalle smijt met riffs alsof ze al jaren op overslag stonden te wachten, terwijl Karel Monsieur met zijn bas de vloer laat trillen alsof hij persoonlijk de seismologische dienst wil wakker maken. En dan is er Yarno Lammens, die met cleane zanglijnen het geheel openbreekt. Geen geschreeuw, geen macho metal gedoe, maar melodieën die blijven hangen en tegelijk genoeg spanning vasthouden om het nummer scherp te houden.
Tekstueel duikt Apocalypse in de schemerzone waar goed en kwaad elkaar wat ongemakkelijk aankijken. Geen wereldbrand, eerder de interne kortsluiting die ontstaat wanneer je beseft dat niets ooit echt zwart wit is.
Apocalypse is een snedigere stap na Mammoth, en Queen Golem klinkt hier als een band die exact weet waar ze naartoe wil en er zichtbaar plezier in heeft om onderweg wat muren omver te duwen.




