TUKAN is een unieke vierkoppige live-act uit Brussel. Andrea Pesare (gitaar), Nathan Van Brande (bas), Samuel Marie (toetsen) en Alexandre Gauthier (drums) leerden elkaar kennen aan de Jazz Studio in Antwerpen. In 2021 wonnen ze de prestigieuze Waalse bandwedstrijd Concours Circuit, waarna hun carrière al snel gelanceerd was en ze een reputatie opbouwden met extreem energieke, hypnotiserende en dansbare liveshows. Tukan speelt op zaterdag 24 oktober 2026 als headliner op de tiende editie van Indietronic Fest in GC Volkskring te Lede, maar eerst een babbel!

Jullie muziek balanceert op het kruispunt van elektronica, techno, jazz en postrock. Bestaat daar 1 woord voor (of kan je er een verzinnen)? Leg even uit aan mensen die jullie werk niet kennen, wat voor soort muziek jullie met Tukan creëren.
Het is altijd lastig om onze muziek in één woord te vatten, omdat we uit verschillende muzikale achtergronden komen. We zouden het misschien live elektronische muziek kunnen noemen, maar dat dekt de lading niet helemaal. Er is zeker een elektronische basis, met veel herhaling en groove, maar ook een heel organische benadering die meer uit de rock komt. Bovenal proberen we muziek te maken die zowel fysiek als contemplatief is, iets waar je zowel naar kunt luisteren als dat je live kunt beleven.
Hoe kwamen jullie mekaar als muzikanten tegen en waarom besloten jullie samen als Tukan door het leven te gaan?
We ontmoetten elkaar in de Jazz Studio in Antwerpen en begonnen al snel samen te spelen. Aanvankelijk wisten we niet precies wat Tukan zou worden. We wilden gewoon onze invloeden combineren en iets creëren dat echt van onszelf was.
Hoewel jullie tracks klinken alsof ze door een dj of computer zijn geprogrammeerd, spelen jullie volledig analoog en met live drums, bas en synths. Jullie bootsen de wetten en patronen van elektronische clubmuziek na, maar dan volledig analoog. Computerloze electro als het ware. Voelt dat soms als een fysieke sportwedstrijd, waarin jullie een drummachine of een sequencer proberen te ‘verslaan’ met echte instrumenten?
Oorspronkelijk was het spelen van deze muziek zonder computer een belangrijk onderdeel van onze identiteit. We hielden van de paradox van het gebruik van instrumenten en een zeer organische aanpak om iets te creëren dat bijna geprogrammeerd kon klinken. Tegenwoordig gebruiken we machines meer als bondgenoten, als een manier om de mogelijkheden te vergroten en onze ideeën verder te ontwikkelen zonder al te veel beperkingen. We zijn vooral geïnteresseerd in het optimaal benutten van wat mensen kunnen en machines niet: microvariaties, imperfecties, spanning en de interactie tussen de vier muzikanten.
Als jazzmuzikanten hebben jullie de vrijheid om te temporiseren of te versnellen, terwijl elektronische muziek vaak vastgepind staat op een strakke BPM grid. Hoe sturen jullie die ‘menselijke ademruimte’ aan tijdens een uitzinnige technorave?
Dat is eigenlijk een van de dingen die we het meest interessant vinden. Zelfs als sommige nummers ritmisch heel precies zijn, ademen we samen. Het vereist veel luisteren naar elkaar. De bas, drums, synthesizers en gitaar moeten constant op elkaar reageren. Deze dingen kunnen heel subtiel zijn, maar ze kunnen de sfeer van een nummer echt veranderen.
Jazz staat synoniem voor improvisatie en individuele solo’s, terwijl elektronische muziek juist draait om herhaling en de kracht van het collectief. Hoe hebben jullie die knop in jullie hoofd omgedraaid?
Oorspronkelijk diende jazz vooral als een manier voor ons om te componeren door middel van collectieve improvisatie. Tegenwoordig is er niet veel jazz meer te vinden in onze muziek. Het gaat er meer om samen iets op te bouwen dan om één muzikant in de schijnwerpers te zetten.
Hoe communiceren jullie met elkaar als een nummer live volledig dreigt te ontsporen in de extase?
Het is nooit eenvoudig en elke keer weer een beetje anders. Er zijn veel blikken, bewegingen en kleine signalen. Omdat we al zoveel jaren samen spelen, kennen we elkaars reacties ook heel goed. En soms moet je gewoon accepteren dat het nummer een andere kant opgaat. We proberen niet in paniek te raken als er iets onverwachts gebeurt. Als iemand een fout maakt of iets niet volgens plan verloopt, proberen de anderen het te integreren in plaats van ertegen te vechten.
Het album Human Drift viert de synergie en de extase van de dansvloer. Mag het publiek dat ook verwachten op Indietronic Fest?
Absoluut. Voor ons is Human Drift bovenal een album dat draait om de collectieve ervaring. De titel zelf verwijst naar dit idee van samen wegdrijven. Live proberen we dat idee nog verder uit te werken. De nummers kunnen langer, fysieker en soms intenser zijn dan op het album. Dus ja, we hopen dat we in Lede een paar mensen aan het dansen krijgen!
Wat is het vreemdste of meest onverwachte object of geluid dat jullie ooit hebben gesampled of organisch hebben proberen na te bootsen op jullie synths of drums?
We zijn niet echt een band die veel met samples werkt. Een groot deel van de uitdaging voor ons is juist het creëren van geluiden direct met onze instrumenten. We beginnen het liefst met vrij simpele geluiden en transformeren die tot iets compleet anders. Met synthesizers, bas of drums kun je geluiden creëren die niet meer klinken als het instrument waar ze vandaan komen.
Als de muziek van TUKAN een fysieke plek of een architecturaal gebouw in Brussel zou zijn, hoe zou dat er dan uitzien?
Waarschijnlijk een mix tussen een club, een oud industrieel gebouw en een plek waar iedereen na middernacht samenkomt. Iets dat er van buiten ruw uitziet, maar van binnen bruist van leven. Misschien een oud Brussels pakhuis met een echt goede geluidsinstallatie. En natuurlijk moeten we heel hard kunnen spelen zonder last te hebben van de buren.
Facebook – Instagram – LinkTree
ENGLISH
Tukan is a unique four-piece live act from Brussels. Andrea Pesare (guitar), Nathan Van Brande (bass), Samuel Marie (keyboards), and Alexandre Gauthier (drums) met at the Jazz Studio in Antwerp. In 2021, they won the prestigious Walloon band competition Concours Circuit, after which their career was quickly launched and they built a reputation with extremely energetic, hypnotic, and danceable live shows. Tukan played as the headliner on Saturday, October 24 at the tenth edition of Indietronic Fest at GC Volkskring in Lede, but first, a chat!
Your music sits at the crossroads of electro, techno, jazz and post-rock. Is there one word that could define all of that or can you come up with one? For people who are not familiar with your work yet, how would you briefly describe the kind of music you create with Tukan?
It’s always difficult to put one word on our music because we come from several different musical backgrounds. We could maybe call it live electronic music, but that doesn’t really tell the whole story. There’s definitely an electronic foundation, with a lot of repetition and groove, but also a very organic approach that comes more from rock. Above all, we try to create music that is both very physical and contemplative, something that can be listened to as much as it can be experienced live.
How did you meet as musicians, and why did you decide to continue this journey together as Tukan?
We met at the Jazz Studio in Antwerp and started playing together pretty quickly. At first, we didn’t really know what TUKAN was going to become. We simply wanted to mix our influences and build something that felt like our own.
Your tracks sometimes sound as if they were programmed by a DJ or a computer, while you actually play everything live and in analogue, with drums, bass and synths. You reproduce the codes and structures of electronic and club music, but entirely with acoustic and analogue instruments. Computer-free electro, in a way. Does it sometimes feel like a physical competition, where you’re trying to “beat” a drum machine or a sequencer with real instruments?
Originally, playing this music without a computer was an important part of our identity. We liked the paradox of using instruments and a very organic approach to create something that could almost sound programmed. Today, we use machines more as allies, as a way to expand the possibilities and take our ideas further without too many limitations. We’re mainly interested in making the most of what humans can do that machines can’t: micro-variations, imperfections, tension and the interaction between the four musicians.
As jazz musicians, you have the freedom to slow down or speed up the tempo, whereas electronic music is often built around a very precise BPM grid. How do you manage that “human breathing space” in the middle of a wild techno rave?
That’s actually one of the things we find most interesting. Even when some of the tracks are very precise rhythmically, we breathe together. It requires a lot of listening between us. The bass, drums, synths and guitar constantly have to respond to each other. These things can be very subtle, but they can really change the feeling of a track.
Jazz is often associated with improvisation and individual solos, whereas electronic music relies more on repetition and the power of the collective. How did you make that shift in perspective?
Originally, jazz mainly served as a way for us to compose through collective improvisation. Today, there isn’t much jazz left in our music. The idea is more about building something together than putting one musician in the spotlight.
Is there an unwritten code on stage? How do you communicate with each other when a track threatens to completely derail live, in the heat of the moment?
It’s never simple and it’s a bit different every time. There are a lot of looks, movements and little signals. After playing together for so many years, we also know each other’s reactions very well. And sometimes, you simply have to accept that the track is going somewhere else. We try not to panic when something unexpected happens. If someone makes a mistake or something doesn’t go as planned, the others can try to incorporate it rather than fight against it.
The album Human Drift celebrates the synergy and ecstasy of the dancefloor. Can the audience expect to find that same energy at Indietronic Fest?
Definitely. For us, Human Drift is above all an album built around the collective experience. The title itself refers to this idea of letting yourself drift together. Live, we try to push that idea even further. The tracks can become longer, more physical and sometimes more intense than on the album. So yes, we hope to get a few people dancing in Lede!
What is the strangest or most unexpected object or sound you’ve ever sampled, or tried to organically recreate with your synths or drums?
We’re not really a band that works extensively with samples. A big part of the challenge for us is actually creating sounds directly with our instruments. We mostly like starting with fairly simple sounds and transforming them until they become something completely different. With synths, bass or drums, you can create sounds that no longer really sound like the instrument they came from.
If Tukan’s music were a physical place or a building in Brussels, what would it look like?
Probably a mix between a club, an old industrial building and a place where everyone ends up after midnight. Something quite raw on the outside, but with a lot of life inside. Maybe an old Brussels warehouse with a really good sound system. And obviously, we’d need to be able to play very loud without any neighbours.
Thank you for this interview and enjoy Indietronic Fest!



