Home FestivalLOKERSE FEESTEN dag 7 (07/08/2026)

LOKERSE FEESTEN dag 7 (07/08/2026)

by Didier Becu

De Lokerse Feesten-editie van 2026 loopt stilaan op zijn laatste benen. Zoals vanouds kan je je iedere dag wel onderverdelen in één of ander thema. Hoe we die vrijdagavond dan moeten inkaderen? Misschien is het etiket “indiebands die we nog niet vergeten zijn” de gedroomde nagel op de kop. Gelukkig staat “de vergeetput” nog niet in de vocabulaire van deze acts, want ook al moest het bordje “uitverkocht” niet naar boven worden gehaald, liep de Grote Kaai aardig vol. Ten minste vanaf Suede toch, want zowel Sons en vooral Anna Calvi moesten het zien te rooien met een leeg plein.

Dat een thuismatch niet per se een garantie voor een gemakkelijke overwinning is, ervaarde Sons aan levende lijve. Deze vier Waaslanders hadden er tonnen zin in, maar al gauw moest de groep rond zanger Robin Borghgraef vaststellen dat het geen gemakkelijke klus zou worden om er een gedroomd rock ‘n roll-feestje van te maken. Ondanks de opzwepende powerrocksongs uit hun drie albums bleek het publiek besloten te hebben om alles gezapig over zich te laten gaan. Af en toe ontaardde het in een crowdsurfing voor dummies-moment, maar we zagen vooral een band met veel goesting die moest opboksen tegen een veel te vroeg uur of wie weet, een ouder publiek die liever eerst wat wilde rondkuieren in de Lokerse binnenstad alvorens de Grote Kaai te betreden.

Voor Pyo werd het in de Club Studio Brussel zodoende een nog moeilijkere opgave. Je leest wel regelmatig dat deze band rond Brusselaar Karel Piot het goed doet in bijvoorbeeld Zuid-Korea, maar in onze contreien dreigt vooral het feit om gedoodverfd te worden als een beloftevolle band die De Nieuwe Lichting toch niet won. Een zure appel die alleen verteerd kan worden als de band erin slaagt om met een ijzersterk album op de proppen te komen. Nu tapt Pyo vooral net iets te veel uit het vaatje van The Haunted Youth. Goede songs die ronddobberen in melancholische wateren, maar net nog niet dat eigen smoel hebben die noodzakelijk is om echt te overleven.

Zelden bleek het gezegde “parels voor de zwijnen” zo doeltreffend als die dag op de Lokerse Feesten. Waarschijnlijk muzikaal bekeken was Anna Calvi de allersterkste act van de avond, maar het leek er op dat niemand interesse had voor ook maar één noot van de Britse die klassiek en pop in één vuile wasmand gooit. Meer zelfs, we vroegen ons luidop af of er ook maar één mens die dag een ticket op zak had om haar aan het werk te zien. Ook Anna Calvi liet het niet aan haar hart komen. Zo ver wij hoorden was er geen enkel woord dat op een bindtekst leek, zelfs geen woordje dank kon er af (ook niet van het publiek), wel een feilloos optreden dat smeekt om een intieme zaal.

In Club Studio Brussel deed het Nederlandse Hiqpy hun ding, maar wij hadden het net iets te druk om een plaatsje te veroveren om niks van Suede te missen. Want één ding was duidelijk en dat zag je goed aan de talloze t-shirts: het publiek was op de Grote Kaai voor zowel Suede als voor Editors.

Mompelden we bij aanvang iets van “indieacts die we niet vergeten zijn”? Dan geldt dat zeker voor Suede. Opgericht in 1989 en nog steeds één van de beste bands van dit moment, met dank aan keigoede platen zoals de allerlaatste Antidepressants en het podiumbeest dat Brett Anderson heet.

Als je de band al één verwijt in het knappe smoel kon wrijven, dan is het misschien het feit dat men voor de setlist op veilig speelde. De Londenaars zijn er zich maar al te goed van bewust dat ze één van de vaandeldragers van de Britpop zijn en dat hun recente (steengoede) platen alleen maar verorberd worden door de trouwe fans van weleer. De debatten werden geopend met Disintegrate en het was ook het allereerste moment dat we het gevoel hadden dat we op een festivalterrein waren beland waar niet iedereen zich stond te vervelen.

Brett Anderson is en blijft ondanks zijn 58 lentes op deze aardbol een magneet waar je oog geen seconde van afwijkt. Op wat rimpels na, lijkt het alsof de band in een tijdmachine stapt en je meevoert naar de gouden tijden van toen. Inclusief met datgene waar Brett Anderson al decennialang bekend om staat. De schone jongen die zich met plezier laat bepotelen, de losgeslagen cowboy die zijn microfoonkabel als een lasso ziet en vooral de frontman waar iedere band van droomt. En jawel, al de hits passeerden de revue. Trash, The Beautiful Ones, So Young of Animal Nitrate, maar ook het pakkende The Two Of Us. Of Suede nu het hoogtepunt was van die dag? Retorische vragen hebben nu eenmaal geen nut.

Over naar het mysterie dat Editors heet. In hun thuisland al lang opgeborgen als één van de vele vergeten bands, maar in zowel België als Nederland blijkt hun populariteit alsmaar groter te worden zodat je ze in de Benelux – bestaat dat woord nog? – alleen maar in grote arena’s kan zien. Het waarom van deze populariteit blijven we je schuldig omdat het vanaf hun briljant debuut The Back Room alleen maar bergaf ging. Ten minste dat denkt jullie reporter ter plekke, want het publiek beslist daar duidelijk anders over, want vanaf de allereerste noot werd de band rond Tom Smith in Lokeren omarmd als helden. Stadionrock waar nog wat flarden van Joy Division in zitten, maar ooit zei een wijze man de weltreffende woorden “ Les gouts et les couleurs ne se discute pas.” en ook dat geldt voor Editors. 


Lokerse Feesten website – Facebook – Instagram

You may also like

This website uses cookies to improve your experience. We'll assume you're ok with this, but you can opt-out if you wish. Accept Read More