Zes integere liedjes, meer heeft het kwartet Clâm niet nodig om zich op de muzikale kaart te zetten.
Behoorlijk internationaal is het, dit gezelschap. Twee Duitsers, een Brit en een Amerikaanse, die uiteraard de zang voor haar rekening neemt. Een beetje vreemd is het wel, want de Brit draagt dezelfde familienaam als de Amerikaanse, dus we mogen er wellicht van uit gaan dat het eerder over verblijfplaatsen dan afkomst gaat tenzij het toeval een zeer grote rol speelt natuurlijk.

De hand leggen in welk hoekje Clâm hoort is niet zo evident. Daarvoor botsen er teveel stijlen met elkaar. De stem van Michelle Blythe is een beetje zeurderig en klagerig, net niet zo poëtisch of krachtig als die van Patti Smith maar bij momenten komt ze wel in de buurt.
De muziek zelf is wat poppy maar tegelijk psychedelisch en met veel impact van de krautrockiconen van decennia geleden. Dat zorgt voor een ietwat vreemde combinatie die echter wel goed uit pakt.
Fuzzpop zonder dat de band ooit uit de bocht vliegt want het kwartet, in Hessen, Duitsland verblijvend bij het typen dezes, kiest voor melodie en afgebakende liedjes. Edoch, muzikaal en vocaal zitten ze zo goed in elkaar dat we het ietwat brave afgelikte voor lief nemen.
Dit is een debuut dat vooruitzichten biedt voor de band. Een rooskleurige toekomst waarop ze ofwel nog poppyer gaan klinken of ervoor kiezen helemaal loos te gaan, inclusief de soundscapes en ambienteske invloeden die nu al in het geluid aanwezig zijn.