Er zijn concerten die je entertainen en er zijn concerten die onderhuids binnendringen. Het optreden van Siglo XX op de Fonnefeesten behoorde zonder twijfel tot die laatste categorie. De Genkse pioniers bewezen nogmaals waarom ze – bijna een halve eeuw na hun ontstaan – nog steeds tot de vaandeldragers van de Belgische postpunk, coldwave en darkwave behoren. Intussen al een hele tijd in een andere bezetting dan in hun beginjaren uiteraard, hoewel gitarist Antonio Palermo nog steeds present is en samen met frontman Tom Van Troyen de vernieuwde ruggengraat werd van een cultband die laat horen dat hun Belgische postpunk de tand des tijds moeiteloos doorstaat.

Vanaf de eerste tonen van Until A Day werd het publiek ondergedompeld in een universum waarin melancholie en intensiteit elkaar moeiteloos omarmen. Toetsenist Thomas François blijkt niet alleen op de synths een topmuzikant te zijn, want ook zijn melodica-spel was een knappe meerwaarde in deze track.
Siglo XX speelde niet zomaar een reeks klassiekers. De nummers ademden nog altijd dezelfde urgentie als toen ze begin jaren tachtig ontstonden. Hun sobere, minimalistische aanpak bleek opnieuw hun grootste kracht. Geen overbodige franjes, geen gratuit spektakel, alleen muziek die recht uit het hart lijkt te komen.
Met Everything’s On Fire – waarvan die laatste a capella-zin nog steeds nazindert – en het bijtende weerpraatje Sister In The Rain bouwde de band de spanning verder op. De karakteristieke, hoekige gitaarlijnen en pulserende ritmes vormden een donkere ruggengraat waarover de zang zich als een schaduw bewoog. Ook Art Of War en Sister Suicide klonken krachtig en actueel, alsof de tijd nauwelijks vat heeft gekregen op deze tracks.
Het middendeel van de set herinnerde eraan hoe invloedrijk Siglo XX is geweest voor generaties postpunk-, gothic- en coldwavebands, met een ijzersterke break, gevuld met industrialelementen in End Of The Night en de monotone zang en psychedelische details in het meer uptempo Obsession. In Individuality klonken de toetsen melodieus – als een goedgezind tikkende klok – waarna de punk-uitbarsting die volgde als een ode klonk aan elke ‘individualiteit’ en ‘personaliteit’. Vervolgens kregen we een portie power, gevolgd door emotioneel pianospel in No One Is Innocent.
De nummers bleken doorheen de set zowel afstandelijk en emotioneel: koel in klankkleur, maar warm in impact.
Toen Factory en The Beginning de reguliere set afsloten, leek het verhaal compleet. Toch voelde iedereen dat er nog iets in de lucht hing. De band liet zich overtuigen tot een bis en schonk het publiek Dreams Of Pleasure. Een laatste golf donkere schoonheid die nog lang bleef nazinderen nadat de laatste noot was uitgestorven.
Siglo XX bewees op de Fonnefeesten dat echte klassiekers geen nostalgische museumstukken zijn. Hun muziek leeft en ademt nog steeds en weet nog altijd een publiek te raken dat zich gewillig laat meeslepen door de duisternis.
Fonnefeesten
Siglo XX: Facebook – Instagram