Woensdagavond in de Charlatan: halfvolle zaal, volle goesting. Dat eerste was snel vergeten toen Crowd of Chairs het programma opende met een spijkerharde bak noise die klonk alsof iemand een betonmixer had gevuld met gitaren en frustratie. Subtiel was het naar gewoonte niet, hard en kwaad des te meer. De temperatuur ging prompt een paar graden omhoog, zowel fysiek als mentaal.

De band nam de gelegenheid te baat om een paar nieuwe dingen live uit te proberen en kijk: dat klonk lang niet slecht. Twaalf jaar na conceptie lijkt de machine steeds beter geolied. Ergens tussen niets ontziende noise en iets dat – met wat goede wil – voor melodie en reliëf kan doorgaan, wordt een evenwicht gevonden dat blijft schuren zonder te imploderen. Alsof die betonmixer intussen ook af en toe weet wanneer hij even moet pauzeren om de brokken beter te laten landen.
Maar laat je niet vangen: Crowd of Chairs is en blijft tegendraads by nature. Zelfs de bindteksten – schaars en met lichte tegenzin de wereld in gestuurd – gingen eerder de confrontatie dan de connectie aan. “We brengen vanavond enkele nieuwe nummers en het volgende is daar géén van.” Dat was dan ook weer duidelijk. En eigenlijk: exact wat je verwacht, en stiekem ook wil.
Enter Ohio Mark, zowat het Antwerpse antwoord op My Bloody Valentine, maar dan zonder de Britse mist en met een net iets ruwer randje. Het trio, dat al sinds 2018 consequent loeiharde shoegaze staat te serveren, kwam niet om te pleasen maar om te murw slaan. Hun sound: een wall of noise waar je niet tegenop kan boksen, opgebouwd uit gitarenlagen, strak geprogrammeerde drumsequencers en een kolkende zee van reverb. Daarboven zweven dromerige, ijle vocals die zich meestal ergens achterin in de mix schuilhouden, alsof ze zelf ook niet helemaal zeker zijn of ze wel gehoord willen worden.
De bandleden stelden hun eerste album Off voor maar kozen toch voor ouder werk om van wal te steken. Om het album vervolgens spaarzaam in de vitrine te zetten. De setlist was veeleer een best of so far dan een promo event voor de nieuwe plaat. Oud en nagelnieuw door elkaar dus. Nauwelijks pauzes, al helemaal geen praatjes, drie kwartier daveren. En dat werkte.
De nummers — geboren uit verlies, spijt en emotionele naschokken met dank aan een break-up — balanceren constant tussen fragiele momenten en plots opwellende zwaarte. Live vertaalt zich dat in een set die constant schuurt. Net wanneer je denkt dat het er zachter aan toe zal gaan wordt de gaspedaal keihard ingeduwd.
Wat vooral opvalt, is hoe bewust ze spelen met imperfectie. Klanken die nét niet juist zitten, een lichte vervorming die blijft hangen, een ritme dat een fractie uit de pas loopt, het maakt de muziek alleen maar menselijker. Alsof schoonheid pas echt ontstaat wanneer alles een beetje scheef hangt. Vraag maar na in Pisa. Het geeft hun set iets onvoorspelbaars, iets dat je niet kan vastgrijpen maar ook niet loslaat.
Na All Time Dog, één van de betere nummers van pas uitgekomen plaat, was het (al) afgelopen. Geen bisnummer, geen bedankingsronde, geen theater. Gewoon stilte. Alsof iemand de stroom had afgezet. En ergens voelde dat perfect juist.
Bandcamp Ohio Mark – Facebook – Instagram
Bandcamp Crowd Of Chairs – Facebook – Instagram