Home Belgisch PETER LISSENS (CURTIS, INDIANS)

PETER LISSENS (CURTIS, INDIANS)

by Luminous Dash

Peter Lissens, een man die leeft voor muziek. Documentairemaker, regisseur van videoclips, frontman van de Joy Division-tributeband Curtis en ook de helft van Indians. Deze laatste staan op 2 december op de tweede editie van het Luminous Dash-festival te blinken. Samen met Philippe brengt Indians op integere wijze songs van Joy Division, New Order en David Bowie. Wij vuurden onze vragen op Peter af…

Welke rol speelt muziek in je leven?
Dat spreekt voor zichzelf, denk ik. Ik schrijf en regisseer videoclips, werk aan muziekdocu’s, ik speel in een paar bandjes, ben muziekjournalist en ik schrijf lyrics voor anderen. Muziek is m’n leven. Net zoals film mijn leven is. Of storytelling. Of fotografie.

Wat is de eerste plaat die je in je leven kocht. Niet liegen!
De eerste plaats die ik kocht, was de single Another One Bites the Dust van Queen. De eerste lp die ik kocht, was Sheer Heart Attack. Alweer van Queen. Maar ik had daarvoor al platen gekregen. Van mijn papa. Een pakketje met drie platen: Parkerella van Graham Parker, Word Salad van Fisher-Z en Eve van The Alan Parsons Project. Mijn pa kende geen enkele van die bands, maar de levende legende René Dewit van de platenzaak Solbemol in Aalst had hem die platen aangeraden.

Welke artiest of band heeft jou op het podium meest geïmponeerd?
Dat zijn er verschillende. U2 tijdens de eerste Achting Baby-tour, omwille van het onwaarschijnlijke audiovisuele spektakel, het was alsof je bij elk concert de val van de Muur meemaakte. Nadien ging het wel snel bergafwaarts voor Bono en de zijnen. Bowie staat op eenzame hoogte met elk van de negen concerten die ik zag. Ik vond zelfs de vaak met de grond gelijk gemaakte Glass Spider-shows fenomenaal.  dEUS heeft me live ook zelden ontgoocheld. En elke seconde Nick Cave live. Cave, de voorlaatste keer in het Sportpaleis en de concerten van Arcade Fire en Radiohead in Vorst, dat zijn na Bowie mijn beste concertervaringen ooit. Op de voet gevolgd door Queen.

Noem drie bands of artiesten van dit moment die we in het oog moeten houden.
Wie ben ik om te zeggen welke bands je in het oog moet houden? Ik zou zeggen: hou de Deerlijkse band Zinger in de gaten. Op het eerste gezicht misschien eerder onschadelijke spacepop, maar Nick en Pieter zijn onwaarschijnlijk goede songschrijvers, knappe perfomers en ze hebben écht een eigen sound.

Welke platenhoes vind jij de meest iconische?
De hoes van Hitkracht – Alle 14 goed van K-tel! Die staat voor eeuwig op mijn netvlies gebrand. Er is er ook nog eentje met een onbemande motor die door een bakstenen muur rijdt, maar Hitkracht is een nog straffere hoes, vind ik. Ook al vanwege de nimf in tenniskledij, die vreemd genoeg een baseballbat torst.

Wat is volgens jou de meest ondergewaardeerde plaat ooit in jouw ogen?
Het meest ondergewaardeerde nummer is volgens mij misschien The Boys of Summervan Don Henley, vaak verguisd en gemakshalve ingedeeld bij de ‘Dinosaurussen van de rock’. Ik heb weinig of niks met The Eagles, maar het waren wel geniale songschrijvers. En The Boys of Summer is een masterclass in songschrijven. Het perfecte popnummer. En een perfecte tekst. Die gast die z’n liefje voor de zomer ziet verdwijnen met de bruingebrande ‘jocks’, maar plechtig belooft dat hij zal wachten en vergeven: ‘I can tell you my love for you will still be strong, after the boys of summer have gone …” Hoe mooi is dàt.

Wat is volgens jou de meest overgewaardeerde plaat in je ogen?
Ik heb niks tegen die mannen – sympathieke knullen en geweldige muzikanten – maar ik vind elke plaat van Triggerfinger overgewaardeerd. Dat is dan weer het anti-songschrijverschap. Meesters in grooves en in het pikken van riffs – van Abba tot Blondie en zelfs Joy Division – maar ik kan op geen enkele van hun platen een echte song ontwaren. Maar goed: ze leven voor hun muziek en ze werken hard, er is niks dat ik hen misgun.

Welke plaat doet jou wenen?
Jesus’ Blood Hasn’t Failed Me Yet van Gavin Bryars. In de versie van Tom Waits, waarop ook een New-Yorkse dakloze meezingt. Er was – in beperkte kring – nogal wat te doen om die plaat, omdat Bryars de stem van de dakloze had gesampled maar ‘m nooit iets van royalties heeft uitbetaald… Ik hoor New-York in dat nummer. En de uitzichtloosheid van daklozen. De enorme tegenstellingen tussen de have’s en de have not’s. Wie dit nummer één keer hoort, loopt nooit meer achteloos een dakloze voorbij. Hoop ik. En verder ontroert elke noot van Nick Drake, Scott Walker, David Bowie en Lee Hazlewood mij. Hazelwoods Sand is ook hartverscheurend gecoverd door Blixa Bargeld.

You may also like

This website uses cookies to improve your experience. We'll assume you're ok with this, but you can opt-out if you wish. Accept Read More