Home Belgisch MEEWIND 2.0

MEEWIND 2.0

by Didier Becu

Op zondag 27 november organiseert muziekclub N9 MEEWIND 2.0 in Eeklo. Een eigenzinnig festival met een abnormaal muzikaal programma, zoals ze het zelf zeggen. Wij spraken met concertorganisator Bert Cambier, één van de samenstelster van het programma Karen Willems en labelbaas Mike Keirsblick van Consouling Sounds.

Op 27 november organiseren jullie MEEWIND 2.0, een festival vol eigenzinnige muziek. Kun je hierover iets meer vertellen?
Bert: Tijdens MEEWIND 2.0 slaat muziekclub N9 voor een dag de tenten op in CC De Herbakker. Je kan er de ganse dag, in het hele complex, speciale concerten beleven van Bert Dockx, The Germans, Raveyards, Father Murphy, Hellvete en Engerling Ensemble. Karen Willems, onze Artist in Residence, koos een deel van het programma en zal uiteraard ook zelf spelen. Ze zal jammen met Kreng en Benjamin Glorieux én we zullen getuige zijn van haar nieuwe project ‘Biond The Drum’.
(Foto Raveyards/copyright Eva Vlonk)

Het is de tweede editie, ik veronderstel dat dit is omdat de eerste een succes was, niet?
Bert: De eerste editie van Meewind, in 2014, was zeker een succes, maar het opzet was anders. We organiseerden toen op verschillende locaties in Eeklo een soort van Meetjeslandse muzikantendag, met een platenbeurs, workshops, interviews en concerten van Meetjeslandse artiesten Buckey Down en de portables. Toen we aan het programma van 2016 begonnen is het concept gaandeweg veranderd, zeker toen we er Karen bij betrokken. Vandaar ook de ‘2.0’ in de titel.

Men heeft bij jou aangeklopt om het programma mee helpen samen te stellen. Hoe kwam men bij jou terecht en hoe werden jouw keuzes bepaald?
Karen: De jonge garde die nu eindelijk voor een frisse wind zorgt in de N9 is bij mij gekomen met de vraag of ik ‘Artist in Residence’ wou worden in 2016. ’t Werd tijd (lacht). Echt super om eens dicht bij huis te kunnen werken! Ik heb echt niet lang moeten nadenken over mijn keuzes. Ten eerste ben ik altijd op zoek om mezelf uit te dagen en om samenwerkingen met nieuwe artiesten aan te gaan. Het streven naar variatie en authenticiteit vind ik heel belangrijk. Ten tweede hoop ik het publiek te verrassen met toch wel unieke geluiden, Helder vs Donker. En ik ben super blij dat ik Father Murphy kon toevoegen aan de line up.

Je noemt het zelf “abnormaal muzikaal”. Wat bedoel je hiermee?
Bert: De muziek die je tijdens MEEWIND 2.0 kan horen wijkt af van de norm. De muzikanten pakken het anders aan dan de conventionele artiesten die je dagelijks op de radio hoort. Zo spelen The Germans één lang nummer van ongeveer 45 minuten en zullen Raveyards, die sludge en electro mengen, hun 360° concept meebrengen naar Eeklo. Daarbij spelen ze in het midden van het publiek, met surround sound en driedimensionale projecties. Ook de muziek van de andere artiesten als Kreng, Hellvete of Engerling Ensemble kan je bezwaarlijk radiovriendelijk noemen, maar die muziek is daarom niet minder interessant. Integendeel.

Op de affiche staat veteraan Hellvete. Destijds was experimentele drone, of hoe je het ook noemt, voorbestemd om op tape te belanden en op te treden voor tien man. Nu zie je zo’n artiesten op Boomtown of in de AB. Voor artiesten kan dit moeilijk mooier, niet? Hoe verklaar je die evolutie?
Karen: Persoonlijk denk ik dat we nog een lange weg af te leggen hebben… Door de evolutie van het internet worden ook meer undergroundgenres die vroeger binnen een subcultuur  bleven blootgesteld aan het grote publiek. Het is ook de taak van programmatoren om minder bekende bands een kans te geven en niet altijd voor de grote kleppers te gaan, om vernieuwing te brengen. Maar ja, het financiële aspect en de besparingen in de culturele sector maken het niet makkelijker. Toch is het fijn om te zien dat bijvoorbeeld Consouling Sounds de vraag krijgt om een dagprogramma samen te stellen in de AB. Dat is toch een bepaalde erkenning die belangrijk is. En is het zoveel mooier om in die grote clubs te staan? Ik hou van de combinatie. Ik vind het heerlijk om in kleine zaaltjes of cafés te spelen waar de sfeer heel intiem is. De interactie tussen publiek en band is heel bevrijdend.

Consouling Sounds heeft enorm veel gedaan voor deze scène. Het lijkt wel alsof je “ontoegankelijke” muziek naar een breed publiek hebt gebracht. Hoe verklaar je dat?
Mike: Ik weet niet of we met Consouling ontoegankelijke muziek naar een breed publiek hebben gebracht. Dat was in elk geval nooit het doel. Wel merkten we dat er bij verschillende genres toch vaak een overlap zit in feel of esthetiek, waardoor een bepaald genre zeker ook een ander publiek zou kunnen aanspreken. Dat is wat we met Consouling wel doen: we proberen muurtjes tussen genres te slopen en mensen te laten proeven van heel verschillende dingen die in hun verschil toch vrij universeel kunnen aanspreken. In plaats van ons vast te pinnen op een genre, kijken we veeleer naar esthetiek (zowel vormelijk als muzikaal en inhoudelijk). En het valt op dat mensen die enkel naar postmetal of sludge metal luisterden toch ook ambient of drones kunnen appreciëren. In die zin kunnen we ontoegankelijke muziek inderdaad naar een breder publiek brengen. Maar dat is dan toch eerder te danken aan de open geest van ons publiek en hun bereidwilligheid om mee te stappen in onze wereld in al zijn donkere facetten, dan dat het een strategie van onszelf zou zijn.

Bestaat er zoiets als “onmogelijke” muziek, of is dat een term die alleen maar in je hoofd zit?
Bert: Wat voor de een onuitstaanbaar is, is voor de andere hemels. Er wordt zoveel muziek gemaakt, in zoveel verschillende genres dat er voor elk wat wils bestaat. De grote massa zal je er niet altijd mee bereiken, maar het feit dat er zo veel diverse dingen bestaan houdt het wel bijzonder boeiend. Luisteren met een open geest en zonder oogkleppen is dan wel een must, natuurlijk. Jammer genoeg wordt veel muziek wel te snel in een niche gedwongen, waardoor die niet in de mainstreammedia komt en het grote publiek niet bereikt. En dat is een gemis, zowel voor de luisteraars als voor de muzikanten.

De experimentele scène vind je wereldwijd, maar in België zijn er veel bands in de scène. Is daar een verklaring voor, soms lijkt het wel een reactie op het veel te commerciële radiovoer.
Karen: Natuurlijk is het ergens een beetje protesteren, een reactie tegen de commerce! De experimentele scène is heel levendig en gevarieerd. Het is muziek maken met het hart en niet met je hoofd. Hier werk je echt  autonoom. Je bent niet afhankelijk van labels en bookers die je in een bepaalde richting sturen. In zo een wereld voel ik me goed. Ik zie wel dat er meer stappen ondernomen worden om experimentele muziek de plaats te geven die ze verdient. Ik ondervind het zelf. Ik krijg meer en meer de vraag om improsessies te doen. Er zijn ook enkele programmatoren (ze zijn in de minderheid)  die me volgen en als ik met iets nieuws voor de dag kom krijg ik altijd een podium. Ik heb heel veel respect voor hen en ben blij dat ze zich blijven inzetten voor muziek  die buiten de lijntjes kleurt! (Foto Karen Willems/Dominiek Claeys)

Veel bands dromen ervan om op Consouling Sounds te komen. Dat is natuurlijk niet mogelijk, hoe maak jij je keuzes?
Mike: Onze tijd en middelen zijn helaas heel beperkt. We zouden nog veel meer willen doen, maar zolang de dag maar 24 uur telt zit dat er helaas niet in. Daarom maken we wel een selectie, inderdaad. Veel heeft daarbij te maken met hoe de muziek bij ons binnenkomt. Als we enthousiast worden van wat we horen, zullen we ons uiterste best doen om er de schouders onder te zetten. De muziek moet grenzen opzoeken en durven verleggen. Het mag geen genre-specifieke muziek zijn. Het moet voor ons altijd fris en spannend klinken, binnen de erg ruime grenzen die we voor onszelf getrokken hebben (grof gesteld, als tussen post metal in om het even welke gedaante, over drones naar ambient). Die donkere, duistere en dreigende muziek zit in ons DNA. Het is onze identiteit. Maar daarbinnen is heel wat mogelijk en wordt experiment zeker gewaardeerd. Als dat allemaal juist zit, en het klikt ook op persoonlijk vlak, dan proberen we met de artiest(en) samen te werken om een zo goed mogelijk traject uit te stippelen. Het is voor ons ook belangrijk dat de persoonlijke klik er is. We moeten ons tenslotte 100% achter een project kunnen scharen om het maximaal te kunnen promoten. Als het niet klikt zou het niet mogelijk zijn om die 100% motivatie aan de dag te leggen.

Consouling Sounds is een label met internationale allures. Dat is natuurlijk ontzettend belangrijk voor de undergroundscène. Jij die er met je neus bovenop zit, wat vind je van de Belgische scène?
Mike: Consouling is inderdaad van in het prille begin gefocust geweest op de internationale scene. Als je met niche-muziek iets wil opbouwen ben je wel verplicht om verder dan de eigen kerktoren te kijken. Internationaal is er best een groot publiek dat geïnteresseerd is in underground of experimentele dingen. Het is altijd al onze ambitieuze bedoeling geweest om wereldwijd zoveel mogelijk van die liefhebbers te kunnen bereiken. Maar, we vinden het ook heel belangrijk België daarbij mee op de internationale kaart te zetten. We hebben hier ontzettend veel talent rondlopen dat in de mainstream amper aandacht krijgt. Het is aan ons om te laten zien dat België veel meer in haar mars heeft dan Like Mike & Dimitri Vegas, om maar iets te noemen. Het broebelt en bloeit in onze Belgische grond. En dat in alle genres. Maar we mogen ook niet vergeten dat er ook heel wat in België aanwezig is dat best gekoesterd mag worden. Iemand zoals Dirk Serries is ondertussen als drie decennia bezig, en zijn palmares is om van omver te vallen. Maar toch komt dat amper aan de oppervlakte. De jonge honden die momenteel het stof opschudden laten zich niet samenvatten. De lijst is ellenlang en blijft ook maar aandikken. Een zeer onvolledige greep van bands die ik zwaar de moeite vind om in het oog te houden (en waarvan ik nu al weet dat ik mezelf voor het hoofd ga slaan omdat ik nog bands over het hoofd gezien had): Amenra, Wiegedood, Brutus, VVOVNDS, Vonnis, Oathbreaker, Supergenius, LVTHN, Goat Torment, Kosmokrator, Witchtrail, Lichtschade, Daghraven, Zondaar, Monnik, Inwolves, Innerwoud … De lijst is echt eindeloos.

Er is ook een praatje achteraf met jou en Nele. Een vraag die men je misschien zal stellen, maar nu doe ik het: welke raad geef jij aan beginnende bands?
Mike: De raad die ik graag geef is: neem de tijd. Tegenwoordig is het heel makkelijk om iets op te nemen en al dan niet in eigen beheer te releasen. Daardoor slaat een band wel eens een paar stappen over. Vroeger was de “demo tape fase” gemeen goed, maar die tijd lijkt achter ons te liggen. En het is toch echt heel belangrijk om een sterk fundament voor jouw band te leggen. Neem ook de tijd om je eigen stem te vinden. En daarnaast: spelen. Spelen, spelen, spelen. Live optreden tot de ledematen niet meer meewillen. Zo groei je als muzikant, als band, en gaat je muziek ook sterker worden. Pas nadat je voelt dat je sterk genoeg in je schoenen staat kan je labels gaan benaderen en een booker proberen te strikken. Maar, wees geduldig. Er zijn maar weinig bands die als een raket naar boven schieten. En let er ook op: zulke bands verdwijnen vaak geruisloos eens de raket uitgebrand is geraakt. Neem het stap voor stap, wees geduldig, en blijf werken.

Karen, je kwam bij het Italiaanse Father Murphy terecht. Waarom wilde je die daar absoluut bij?
Karen: Ik was volledig van mijn melk toen ik Father Murphy voor het eerst zag op Sonic City in Kortrijk (2010). Het is een band met een unieke sound. Heel bevreemdende, mysterieuze muziek. De intensiteit waarmee ze spelen, wow! Het is muziek waar je met open mond naar staat te kijken. Freddie Murphy en Chiara Lee gaan zeker hartjes breken.

Jij staat er ook met Biond the drum: a total sensory experience. Vertel daar eens iets meer over.
Karen: Ik wil daar eigenlijk nog niet teveel over kwijt. Samen met Thomas Betsens ben ik aan het experimenteren met piezo microfonen en andere sensoren op mijn huid en spieren, die worden verbonden met een sidrazzi orgel. We willen bodysounds creëëren. Ik zal een soort improvisatie aangaan met mijn lichaam. Een intrigerende zoektocht balancerend tussen abstractie en de schoonheid van geluid. Of alles zal werken is nog de vraag… spannend!

Het leuke aan de experimentele scène (als ik het zo mag noemen) is dat iedere band een eigen wereld creëert. Zo zag ik onlangs Raveyards, en ik kon ze eigenlijk met niemand vergelijken. Dat doet deugd voor een muziekfan, maar ook voor een concertorganisator, veronderstel ik.
Bert: Als organisator ben je steeds op zoek naar nieuwe dingen. Er is niets mis met een singersongwriter of een band met de klassieke drum-bas-gitaar bezetting, maar het doet zeker deugd om op iets nieuws te stoten. En het is nog fijner als je die speciale dingen zelf een podium kan geven én er een publiek voor kan opbouwen.

Het is de taak van een concertorganisator om het publiek te kunnen lokken naar een evenement dat mensen niet kennen. Waarom moeten mensen naar MEEWIND 2.0 komen?
Bert: Het muzikale programma is vanzelfsprekend steengoed. Je kan de hele dag experimentele, maar kwaliteitsvolle acts ontdekken en getuige zijn van een aantal unieke projecten. Daarnaast zal er in alle hoeken en kanten van De Herbakker wat te beleven zijn…

Alle informatie vind je op de MEEWIND-website.

You may also like