Home Belgisch DAVID POLTROCK

DAVID POLTROCK

by Luminous Dash

Een manusje van alles is wel het minste dat we van de in Brussel wonende Poperingenaar David Poltrock kunnen zeggen. Daarom niet bewust, maar de meeste muziekliefhebbers zullen David allicht kennen als live- of sessiemuzikant die al een kwarteeuw met Jan en Alleman, ofwel mee in de studio duikt, ofwel mee op het podium kruipt. Het vroegere Savalas, of het actuele Razen zal misschien niet bij iedereen een belletje doen rinkelen, maar Vlaamse kanonnen als De Mens, Hooverphonic, Stash, Monza, Arid, Triggerfinger of recent het jonge Portland zijn maar enkele verhullingen van vele muzikale samenwerkingen. Uiteraard is dit publiekelijk niet zichtbaar, maar het meest van al vind je de ondertussen zo gebombardeerde Belgische Jon Hopkins achter de schermen. Net als de Poperingse Keikop, een streekgebonden smeuïge witschimmelkaas, dat voor uw smaakpapillen regelt, is het arrangeren van muziek slechts één van de specialiteiten van deze muzikale duizendpoot. Meer dan vaak neemt David plaats in de producers zetel, of worden eigen composities gestaag uitgewerkt.

Naar aanleiding van de recente afronding van zijn muzikale trilogie, werd ik vriendelijk uitgenodigd op een diepgaand gesprek in Schaarbeek, waar onze vriendelijke keikopme met enige voelbare fierheid inlaat in zijn zelf samengestelde man-cave. Jawel, dat was even slikken, maar gelukkig kon er gerekend worden op olijke Bruce Lee om via de screensaver van Enter the Dragon onmiddellijk het ijs te breken. Van hieruit ging het op een organische manier zowat alle richtingen uit en werd gehopt van het één naar het ander: Heavy Sound festival, data-vaporisatie, klank-synthese perikelen, Victims Family, rejected Shifrin score, helemaal naar een heuse live-sessie met zowaar de originele fluit klank van een bekend nummer van The Beatles, dat op al even psychedelische wijze hun meest psychedelische album net niet gehaald heeft. De toon is gezet, welkom in the Strawberry Fields van planeet Poltrock…

Hallo David, ik heb in het verleden al behoorlijk wat in allerhande studio’s vertoefd, maar ik denk niet dat ik op zo’n beperkt aantal vierkante meter al dergelijke uitstalling van apparatuur bijeen heb gezien. Vlakbij het oudste station (en bijbehorende treinmuseum) van België huist dus evengoed een zodanig arsenaal aan analoge en modulaire systemen, waarvan menig enthousiasteling zijn brein-circuit al voelt kortsluiten met dit enkel te lezen. Toevallig de Musikmesse (grootste instrumenten beurs ter wereld) in Frankfurt leeg geplunderd?
 Nee hoor, ik ben zeker geen purist, want dat vind ik nogal onzinnig, maar het is wel zo dat die beurs specifiek gefocust is op nieuwe instrumenten. Wat je hier ziet is het resultaat van twintig jaar verzamelen en ik moet toegeven dat ik er heel tevreden mee ben. Al moet ik erbij zeggen dat dit een beetje hetzelfde is als met huizen kopen. Vandaag de dag is het meeste dat hier staat onbetaalbaar geworden, maar in die tijd heb ik de belangrijkste zaken relatief goedkoop kunnen aanschaffen. Nu je het zegt (met beetje verbaasde blik), zoveel digitaal is hier precies niet aanwezig.

Ik heb er zelf nog geen in het echt gezien, maar is die witte klankkast wat ik denk dat het is?
 Als je daarmee een melotron bedoeld, zit je helemaal juist. Dat zul je inderdaad niet snel zien, want dat is een behoorlijk onstabiel instrument. Hoewel ik dat in de eerste plaats niemand zou aanbevelen vanwege zijn fragiliteit en ook zijn dure prijs, ben ik hier eigenlijk wel trots op. Het was namelijk een testcase, dus inderdaad verbonden aan enig risico. Dit type is gebouwd door John Bradly, zoon van de originele mellotron-uitvinder en hiervan zijn er in totaal 30 stuks gemaakt. Er zijn er echter slechts twee op deze manier gemodificeerd, waarvan je hier een exemplaar ziet en Jamie Cullum de andere heeft. Men kan stellen dat dit inderdaad wel een behoorlijk uniek stuk is.

Ook bij jou draait het leven duidelijk om muziek, maar dat is precies wel in een stroomversnelling terecht gekomen. Een gemiddelde band of project is meestal al blij om één plaat uit te brengen, maar jij koos onmiddellijk voor een trilogie. De plaatverkoop mag dan opnieuw gestegen zijn, maar is dit realistisch gezien een haalbare kaart? Het onderscheid van jou verschillende stijlen houden we in acht, maar zit hier een weldoordacht plan achter?
Nee, op zich was dit zeker geen plan, maar na vijf jaar broeden op mijn artistiek ei, ben ik twee jaar geleden beginnen schrijven en uitproberen. Het resultaat was dat ik ineens gewoon teveel had. Toen het Nederlandse Excelsior Records mijn eerste plaat Mutes ging uitbrengen, kreeg ik de opmerking dat het allemaal heel mooi was, maar dat het te divers of te breed ging. Dat ging nooit lukken op één album. Het idee om te spreiden is dan beginnen rijpen en daarom dacht ik in eerste instantie aan drie EP-tjes. Toen ook dat format niet afdoende bleek te zijn, zijn er bijgevolg drie volledige albums geboren. Let wel, afsluiter Machines was eigenlijk mijn eerste album, wat het meeste neigt naar wat ik eigenlijk zou willen doen, maar dat spoorde inhoudelijk dan weer niet. Het voelde aan alsof ik beter een eerste aanzet zou geven met een volledige piano-plaat om van daaruit verder te bouwen, of beter, af te bouwen.  

Hoe bedoel je, afbouwen?
Met uitzondering van mijn laatste plaat, is het heel snel gegaan. Eenmaal op punt, ben ik dan voor zeker voor Mutes, alsook Moods, met vroegere jamsessies aan de slag gegaan, en het gros hiervoor heb ik op ongeveer twee dagen kunnen uitkristalliseren. Machines was misschien wel het uitgangspunt, maar in feite kwam het neer op deconstructing. Ik ben begonnen met iets met heel veel knopjes, om dit uiteindelijk helemaal af te bouwen om zo tot de naakte essentie te komen. Dat was allemaal niet zo eenvoudig, maar ik heb wel veel geleerd tijdens dit proces. Ik merk ook dat ik heel streng geweest voor mezelf. Naarmate de deadline dichterbij kwam, ging het op een gegeven moment zover dat ik heel het boeltje wilde afblazen. Zo wil je niet weten wat ik bijvoorbeeld heb weggesmeten, terwijl dat best een raar gevoel is. In elk stukje zit namelijk wel iets bruikbaars of groovy. Als bij wonder had ik toen een paar dagen een stagiair en het is echt dankzij hem dat ik even kon ventileren. Mede dankzij zijn praktische raad kon ik terug mijn helicopterzicht handhaven en zodoende is alles netjes op tijd afgewerkt. Het heeft me ook iets anders doen inzien, dat wel beetje confronterend was. Hoewel mijn job inhoudt producer te zijn voor andere mensen, is het misschien niet slecht om dit voor eigen werk uit handen te geven. Daar ben ik echter nog niet uit.

Op dat moment had ik nog geen enkele van de drie platen beluisterd, maar ondertussen vereerd dat ik de muzikale honneurs kon invullen na je concert in de Hnita-Jazz Bar, waar je me volledig bij mijn nekvel had. Ik had me verwacht aan een klassiek pianoconcert, maar helemaal niet aan elektronica of zelfs prepared piano. Het zijn uiteraard maar flarden, maar naast Erik Satie of zelfs Arvo Pärt, schoot me toen spontaan ook een minimalist als Philip Glass te binnen, om nog maar te zwijgen van een John Cage voor het meer abstracte gedeelte. Ik ga ervan uit dat deze niet zo voor de hand liggende mix tot je invloeden behoren?
Je hebt dat toen ook in Heist-op-den-Berg gezegd en aangezien ik nog niet aan pakweg Satie zijn enkels kan tippen, beschouw ik dat zeker als een groot compliment. In tegenstelling tot vele hedendaagse pianisten of muzikanten is het echter zo dat ik zelf niet uit de school van het minimalisme stam. Integendeel, hoewel ik kan begrijpen vanwaar dit komt, probeer ik echt vanuit mezelf te werken en dat is toch een geheel andere voedingsbodem. Versta me niet verkeerd, er is absoluut niets mis mee bijvoorbeeld een Ólafur Arnalds waar ik pas ben gaan naar kijken. Dat is namelijk een heel interessante muzikant, waar in dit geval zelfs mijn dochter (die normaal niet zo gek is van deze muziekjes) van zwijmelde. Heel begrijpelijk, want het is waarlijk wondermooi wat hij brengt. Bij momenten viel m’n mond gewoon open. Daartegenover staat dat het me als componist opvalt dat er toch beetje wordt ingehakt op de eenvoudige emotie, soms een beetje cheap zelfs. Nogmaals, waar niets mis mee is, maar voor mezelf mag het toch wat meer pijn doen. Zo vind ik persoonlijk dat mijn muziek eerder aanleunt bij pakweg Talk Talk dan wel Arvo Pärt. Ik beluister het waarschijnlijk ook eerder harmonisch, waarmee ik wil zeggen dat mijn harmonieën anders in elkaar zitten.

Hoe bedoel je?
Ik zou dat theoretisch kunnen voor je analyseren, maar ik weet niet dat je Joep Beving kent? Die leunt namelijk dicht aan bij mijn grond van werken. ik vond dat interessant. Ik heb hem dan wat gevolgd en dan ga je snel merken dat ondanks zijn klassieke output, hij net als ik ook uit het pop en rock milieu komt. Dat is namelijk een geheel andere insteek dan bij iemand die van in het begin is opgevoed met het minimalisme van Philip Glass, Terry Riley, of een Gavin Bryars, of Arvo Pärt etc. Een muzikant kan zich laten inspireren door pakweg The Beatles, maar evengoed met bijvoorbeeld diepe blues, en dat zal zich heel waarschijnlijk heel anders manifesteren.

Nu we over inspiratie spreken: de Fabeltjeskrant. Samen met Tik-Tak, zowat het meest iconische kinderprogramma dat onze generatie heeft meegekregen. Nu dat dit een hedendaagse oppimping gaat krijgen, komen ze voor de muziek bij jou terecht?Onrechtstreeks, want het voorstel werd eerst aan Mario Goossens (Triggerfinger) voorgelegd, en die kwam op zijn beurt bij mij aankloppen. Wij hebben dan de nummers geschreven voor elke aflevering, waar de hoofdrol, naast bas en drums, voor deze melotron is weggelegd. (Ik verwacht daarover trouwens elk moment een telefoontje.) Eerst verschijnt de film deze winter in Nederland en België, en daarop volgt dan de serie. Ik moet toegeven dat ik tijdens het proces niet altijd goed beseft heb, hoe iconisch dat programma daadwerkelijk wel was. Inderdaad samen met Tik-Tak, maar ik denk ook wel dat dit kon omdat er toen gewoon amper kinderprogramma’s waren. Vergelijk het nu met de Studio 100 machine; er zou gewoon geen ruimte zijn voor dergelijke programma’s. Ik kan alvast verklappen dat het er prachtig uitziet. De film is dan wel computer animated, maar bijvoorbeeld de vilt van de poppen alleen al is ronduit spectaculair. Het nodige respect voor het oorspronkelijke Fabeltjeskrant DNA is overigens zo authentiek mogelijk bewaard gebleven.

Je verwacht een telefoontje ter goed- of mogelijk afkeuring van de muziek dan? Moeit de productie daar werkelijk in of krijgen jullie carte blanche?
Bij televisie is dat steeds anders. De ene keer wordt zeer duidelijk op voorhand afgesproken dat het zus of zo zal gaan, en dat is best aangenaam werken omdat er dan voor iedereen die al dan niet aanpasbare duidelijkheid heerst. Een mogelijk nadeel daarvan is dat je bezig bent met uitvoeren, dan wel creatief zijn. Een andere keer is het wel mogelijk die creativiteit bot te vieren, maar leert ervaring dat dit allemaal goed is totdat het moment daar is en er in allerijl dingen moeten veranderd worden. Ook voor mezelf is dat een constant leerproces om op de juiste manier te communiceren, maar ik leer gelukkig graag bij.

Iets wat zich ook anders dan verwacht gemanifesteerd heeft, is de clip van Titanus. Je zou wel problemen gehad hebben met facebook vanwege inhoudelijk aanstootgevend bevonden?
Ja, dat was een beetje circus. Ter promotie van het album is die clip heel bewust gemaakt met een aantal geëngageerde vakmensen zoals o.a. Sam Ostyn en Murielle Scherre als regisseurs. Ikzelf ben heel blij met eindresultaat, maar toen ik eenmaal de gebruikelijke kanalen zoals Facebook en Youtube in beweging wilde brengen, ben ik op een aantal eigenaardigheden gebotst. Om te beginnen is het de bedoeling dat men voor dergelijke doeleinden adverteert. Stel dat mijn album in de UK zou uitkomen. Ik besef dat ik daar niet onmiddellijk een nieuwe auto aan de man moet brengen, maar eerder in de niche zit waar bijvoorbeeld Four Tet of Jon Hopkins-fans zich graag mee inlaten. Nu, in de veronderstelling dit om te buigen in mijn voordeel, kan ik voor een relatief klein bedrag heel doelgericht mijn views opkrikken door aldus te adverteren. Het is een beetje afschrikwekkend, maar je kan dan iets promoten waarna een tiental minuutjes een goed- of afkeuren volgt. Ik veronderstel dat dit door een of ander computerprogramma geïnspecteerd wordt en dat mogelijke twijfelgevallen naar een fysiek persoon worden gestuurd. Nu blijkt echter dat na deliberatie zowel Facebook, als Youtube mijn clip zogenaamd aanstootgevend vonden. Daar was ik eerlijk gezegd wel van gechoqueerd omdat ik daar het volste vertrouwen in had. Volgens mijn Youtube-man gaat het niet zozeer dat Sigrid Vinks aan het paaldansen is, maar gaat het vooral over het sfeertje dat de clip uitstraalt. Ikzelf vind er niets aanstootgevend aan, wat overigens nooit de bedoeling is geweest, maar wel een streep door mijn rekening trekt. Het blijft tenslotte een investering, die nu niet, of amper, voor zijn nut gebruikt kan worden. Als ik de clip alsnog zou willen doen rollen, zou ik de helft eruit moeten halen, maar dat kan de bedoeling niet zijn.

Dus als ik het goed begrijp sta je vanwege Titanus gewoon op een soort digitale zwarte lijst?
Het is te zeggen, net als Charlotte Adigéry (WWWater) evenzo werd geweigerd vanwege een stukje borst, is het me ook niet toegelaten de clip daadwerkelijk te promoten. Ik mag hem wel op Youtube of Facebook zetten en voorlopig wordt hij er niet afgehaald. Ik heb dan ook via facebook een oproep gedaan om hem zoveel mogelijk te sharen wat wel zijn weerklank gevonden heeft.

Wel, we zullen hier dan ook nog een oproep doen om onderstaande link van een dus geheel niet aanstootgevende clip zoveel mogelijk te sharen, maar alvast heel hartelijk bedankt voor zeer fijn gesprek.
Heel graag gedaan.

Feel free to share link clip Titanus

Voor diegenen die Poltrock nog live willen meemaken, kunnen nog op 30/11 terecht in de Brusselse Volta.

You may also like